Antwoord ministerie IenM: het verbod geldt voor de ‘professionele gebruiker’.
Volgens de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden, waarop het verbod is gebaseerd, is een professionele gebruiker: “persoon die in de landbouwsector of in een andere sector, gewasbeschermingsmiddelen gebruikt in het kader van zijn beroepsactiviteiten, met inbegrip van bedieners van toepassingsapparatuur, technici, werkgevers en zelfstandigen.”
Ook financiële instellingen, overheden, supermarkten en andere bedrijven die in eigen beheer gewasbeschermingsmiddelen toepassen om bijvoorbeeld de parkeerplaatsen schoon te houden, vallen onder het begrip ‘professionele gebruiker’. Weliswaar behoort onkruidbestrijding niet tot hun core-business, maar dat is niet bepalend. Voldoende is dat het onkruid wordt bestreden in het kader van de beroepsactiviteiten. Onkruidbestrijding op de parkeerplaatsen staat ten dienste van het bedrijf (beroep), het vergroot namelijk de aantrekkelijkheid van het bedrijf.
De eigenaar van het bedrijf zou een particuliere gebruiker zijn, indien hij in de eigen tuin onkruid zou bestrijden. In dat geval dient hij overigens gewasbeschermingsmiddelen te gebruiken die zijn toegelaten voor niet-professioneel gebruik; het gebruik van middelen die – volgens het etiket – alleen zijn toegelaten voor professioneel gebruik is niet toegestaan.

Geef een reactie